Historie
Voor de oprichting, 1932
In 1932 kwamen drie schooljongetjes (Luitje Jongbloed, Albert Huizing en Jan H. Bos), die graag voetbalden op het idee om een club op te richten. Samen met Uinco Eerenstein en Eit Eefting gingen ze collecteren en leden werven.
De echte leren bal werd besteld bij de schoenmaker Harm Kuiper een voetbalminnend persoon. Nu de bal aanwezig was werd er op een veldje aan de Schaapstreek ingeschoten met 2 jassen als doel. Na onderling overleg werd er besloten dat de club O.V.C. (Odoorner Voetbal Club) moest heten. In die tijd werd er gevoetbald tegen soortgelijke clubjes uit de omgeving zoals Ees, Eesergroen en Weerdinge. Hierbij trad Harm Kuiper vaak op als scheidsrechter.
Doordat er op het veldje oudere jongens om dezelfde tijd gingen voetballen moest O.V.C. uitwijken naar een andere locatie. Er werd een veldje bij de Rossinghwal in het zgn. “Maotien” gemaakt. Het leden aantal was inmiddels zo gestegen dat er 2 elftallen gemaakt konden worden. O.V.C. deed mee aan toernooitjes en organiseerde deze ook zelf. Tegenstanders waren o.a. Z.B.C. (Zweeloo) en Weerdinge.
Op 3 oktober 1934 werd er aanvraag gedaan om toegelaten te worden tot de Drentsche Voetbalbond met de naam O.V.C., maar vanwege het feit dat in Ommen een club bestond met dezelfde naam en al was ingeschreven bij de bond is er gezocht naar een andere naam: Oring*.
Het clubtenue was in de kleuren grijs/ rood en zwart.
* Over het ontstaan van de naam Oring als aanduiding voor het dorp Odoorn bestaan verschillende lezingen. Vast staat wel, dat Odoorn al een heel oud dorp is. Dat is gebleken uit diverse archeologische opgravingen in de directe omgeving. Toch wordt het pas in 1327 officieel genoemd en dan met de naam Oderen. Sinds 1477 komt ook de naam Oorn voor. Dit is een samentrekking van de naam Oderen, zoals leern van lederen.
In ca. 1600 is er voor het eerst sprake van Odoren. Dit werd later officieel Odoorn. De dagelijks gebruikte naam bleek echter Oorn. Iemand uit Oorn of Oderen heette Odering en dit werd samengetrokken tot ORING.
Seizoen 1935-1936
De eerste competitie van Oring 1 werd in de 3de klasse D van de Zuiddrentse afdeling gespeeld. Oring 1 werd 6de van de 6. De
thuiswedstrijden (5 stuks) werden afgewerkt op doelen zonder netten en een veld, zonder hoekvlaggen, waarbij de officiële afmetingen nog niet zo nauw kwamen.Seizoen 1936-1937
Er werd een veld gehuurd aan de hoofdstraat, van de familie Martens, dat zal dienen als nieuw “sportcomplex”. Ook werd Oring 2 aangemeld en speelde in de 4de klasse A van de Zuiddrentse afdeling. Oring 1 werd 3de en promoveerde naar de 3de klasse. Oring 2 werd laatste, maar ging toch een klasse hoger spelen.
Seizoen 1937-1938
Oring 2 werd voor het eerst in de geschiedenis van Oring kampioen en zou promoveren, maar omdat Oring 1 al in deze klasse speelde kon dit helaas niet doorgaan. Oring 1 werd 5de in de 2de klasse.
Seizoen 1938-1939
Er deden dit seizoen 4 elftallen mee van Oring, 3 seniorenelftallen en één juniorenelftal Oring A.
Oring 1 werd 2de in de 2de klasse.
Oring 2 werd voor de tweede keer kampioen en kon alweer niet promoveren.
Oring 3 werd 5de in de 3de klasse.
Oring A werd laatste.
Seizoen 1939-1940
De clubs werden in dit jaar opnieuw ingedeeld in een noodcompetitie. Oring nam deel met 2 seniorenelftallen en één juniorenelftal Oring B. De reden dat Oring minder elftallen had, was dat er spelers werden gemobiliseerd. Oring 1 werd laatste met deze nieuwe competitie-indeling (afdeling B zuid). Oring B werd 2de.
De oorlogsperiode 1940-1945
Oring 1 werd in 1943 in afdeling C Zuid voor het eerst kampioen. Ook Oring 2 werd dat zelfde jaar kampioen in afdeling E. Oring B werd wederom laatste. Voor het eerst werd er een speler van Oring opgeroepen om te spelen voor het Drentse elftal. Dit was Albert Huizing, die later bij Emmen zou gaan spelen.
Het voetbal werd steeds moeilijker door de oorlogssituatie. In het seizoen 1943-1944 speelde Oring nog met één seniorenelftal en één juniorenelftal en tenslotte zou er 1944-1945 helemaal niet meer worden gevoetbald, omdat er een verbod kwam op al de wedstrijden.
Seizoen 1945-1946
Na de oorlog speelde Oring met 1 team en werd voor het eerst officieel kampioen in de 2de klasse B van de Zuiddrentse Bond en promoveerde naar de 1ste klasse D.V.B.
Seizoen 1946-1947
Oring 1 promoveerde door een 2de plaats in de 1ste klasse van de D.V.B. naar de 4de klasse van de K.N.V.B. district V. Deze
klasse werd dit jaar voor het eerst in het leven geroepen, want eerst waren er maar 3 klassen.
Oring komt in de finale van de Drentse Beker, maar wint deze beker niet. Niemand wint de beker dat jaar, want Oring had de laatste wedstrijd niet geheel fair gespeeld. Oring had zelf al geen kans meer op de beker, maar kon wel in de laatste wedstrijd beslissen of Achilles uit Assen een 1ste klasser of V.K.W. uit Westerbork er vandoor ging met de beker. Oring had besloten
om V.K.W. te laten winnen en verloor die wedstrijd met 3-1. Het resultaat dat er dat jaar geen kampioen van Drenthe kwam door het “per ongeluk” verliezen van Oring. De Oringspelerskregen een berisping en Klinkhamer en Nabben kregen ieder een straf.
Seizoen 1947-1948
Oring 1 werd 4de in de 4de klasse C district V en verlengde daarmee het verblijf in de K.N.V.B. Oring 2 werd voorlaatste en Oring 3 werd laatste. Oring A en Oring B werden beide 4de.
Seizoen 1948-1950
Voor het eerst heeft Oring een trainer: Jan Eerenstein (bijgenaamd “Jan Oring”). Oring 1 werd 7de, Oring 2 werd 5de en Oring 3 voorlaatste. Oring A kwam 4 punten tekort voor de titel die ging naar Weerdinge A. Oring B werd voorlaatste.
Seizoen 1949-1950
Het clubtenue ging van grijs/ rood/ zwart naar groen/ zwart. Oring 1 werd 7de in de 4de klasse, Oring 2 werd voorlaatste, Oring 3 werd laatste. Oring A werd 4de en Oring B werd laatste.
Seizoen 1950-1951
Het clubtenue veranderde van groen/ zwart naar groen/ wit. De eerste trainerswissel vond plaats. Jan Eerenstein vertrok en voor hem kwam Uinco Eerensten (één van de oprichters).
Oring 1 werd laatste, maar degradeerde niet. Oring 2 werd 3de in de 3de klasse A van afdeling Zuid van Afdeling Drenthe. De
overige elftallen van Oring eindigde in de onderste regionen.
Seizoen 1951-1952
Oring 1 werd laatste, maar degradeerde niet, omdat de K.N.V.B., net als het voorgaande seizoen, de matig bezette 4de
klassen niet verder wilde uitdunnen. Ook Oring 2 en Oring A werden laatste. Oring 3 werd voorlaatste en Oring B behaalde een 5de plek.Vanwege de slechte trainingsopkomst legde Uinco Eerenstein zijn functie als trainer neer.
Seizoen 1952-1953
Er moest gezocht worden naar een nieuw sportveld, want het gehuurde veld van de familie Martens zou voor eigen gebruik gaan dienen.
Oring 1 wist zich opnieuw net te handhaven, Oring 2 werd 4de, Oring 3 en Oring A werden laatste. Oring B werd tot slot
voorlaatste.
Seizoen 1953-1954
Wederom werd Oring 1 laatste en degradeerde niet. Oring 2 en Oring B werden 5de. Oring A werd laatste. Dit seizoen kwam
de eerste officiële gediplomeerde trainer in dienst van Oring, namelijk J. Dekker uit Assen.
Op 3 mei 1954 kreeg Oring een klap te verwerken, want het clubcafé Dijkstra brandde tot de grond toe af. Hiermee ging ook het Oring-archief in vlammen op. JobTingen was degene die de medaillekast nog kon redden uit de vlammenzee.
Seizoen 1954-1955
De trainer, J. Dekker werd opgevolgd door W. van Buuren ook afkomstig uit Assen. De prestaties gingen wat omhoog, want Oring 1 werd 7de, Oring 2 4de, Oring 3 en Oring B werden voorlaatste.
Seizoen 1955-1956
Oring 1 en Oring B werden voorlaatste. Oring 2 en Oring 3 deden het beter en werden beide 3de.
Seizoen 1956-1957
Oring 1 deed het weer eens beter en werd 4de. Oring 2 werd net als voorgaand seizoen 3de. Oring 3 werd 3de van onderen. Oring B werd 5de.
Er werd nog wel gespeeld op het veld van de familie Martens, maar men was op zoek naar een andere locatie. Deze werd gevonden achter de zuivelfabriek aan de Laskowskilaan.
Seizoen 1957-1958
Oring 1 werd voorlaatste en nog steeds in de 4de klasse. Oring 2 werd kampioen in de 3de klasse C van afdeling Zuid van Afdeling Drenthe. Oring A eindigde als 6de en Oring B werd 5de. Voor het eerst kwam er een clubblad, Oring-Nieuws, wat
wekelijks zal verschijnen.
Ook was er een andere oefenmeester gekomen na een paar jaar geen officiële trainer te hebben gehad, namelijk Van der Lely uit Emmen.
Op de oude plek van café Dijkstra was een nieuw café gekomen, van de familie Scholten. Deze verhuurde het pand, zodat er weer een nieuw clubcafé was gekomen.
Seizoen 1958-1959
Dit seizoen werd het nieuwe sportveld, achter de zuivelfabriek, in gebruik genomen. Dit jaar haalde Oring 3 voor het eerst het kampioenschap binnen in de 4de klasse B Zuid van Afdeling Drenthe. In dezelfde klasse werd Oring 4 6de. Oring 1 wist nog net in de 4de klasse te blijven door de beslissingswedstrijd tegen E.B.O. uit Zwartemeer te winnen. Oring A werd 2de, Oring B1 4de en Oring B2 laatste. Op 11 maart 1959 kreeg Oring een eigen clublied. Na een oproep in het Oring-Nieuws werd er een winnaar (dhr. G.A. Reinek) uit al de inzendingen gekozen.
Clublied v.v. Oring
(melodie van gymanstenlied)
Wij leden van Oring, wij voelen ons één,
wij spelen graag voetbal, doch schuwen gemeen.
Wij leden van Oring, wij blijven jou trouw,
in tijden van voorspoed, in tijden van rouw.
En gaan wij terug, daarom dus niet getreurd.
Doch houden daarbij steeds dit ene in ’t oog,
sportief zijn, dat brengt onze clubnaam omhoog.
Wij leden van Oring, wij houden ons fit.
Het gaat om de eer van de kleuren groen-wit.
Wij kennen geen moeheid en geven niet op,
want moed en volharding voert ons naar de top.
Geen offer hoe groot ook is ons ooit teveel,
het zoet der overwinning wordt daardoor ons deel.
Wij leden van Oring zijn altijd paraat,
daarmee is de club immer ’t meeste gebaat.
Wij leden van Oring, wij zijn graag bereid,
om jou steeds te dienen vol sportiviteit.
Dan zal onze club, ook al is die maar klein
door sportgeest en vriendschap waarachtig groot zijn.
Want door de jaren, die reeds zijn vergaan
bleef hierdoor immers ons ORING bestaan.
Dus laten wij samen, ’t zij jong of ’t zij oud
steeds weer blijven waken door “ORING’s” behoud.
Seizoen 1959-1960
Dit seizoen kwam Uinco Eerenstein terug als trainer om de slechte trainingsopkomst weer te verbeteren. Helaas kon niet meer verkomen worden dat Oring 1 na 13 jaar in de K.N.V.B. te hebben gespeeld toch naar de afdeling Drenthe moest. Oring 2 werd 4de in de reserve 2de klasse. Oring 3 werd opnieuw kampioen in de reserve 3de klasse. Promotie bleef alleen uit, omdat Oring 2 in de 2de klasse uit kwam. Oring 4 werd 4de. Oring A en Oring B1 werden 2de. Oring B2 werd 6de.
Seizoen 1960-1961
Op de plek van het voetbalveld zouden huizen komen, dus moest men uitwijken naar de Nijkampenweg. Daar kwamen 2 velden één voor de handbalvereniging THOR en één voor Oring. Hiermee werd het veld tekort helaas nog niet opgelost, want de gekochte grond mocht geen blijvend sportveld herbergen.
Uinco Eerenstein stopte dit seizoen met zijn trainersfunctie, mede door de slechte trainingsopkomst. Toch werd Oring 1, ondanks de moeilijke start toch 3de. Ook de andere seniorenelftallen (Oring 2,3 en 4) werden 3de. Oring A werd 7de, Oring B1 2de en Oring B2 3de.
Seizoen 1961-1962
Oring 1 en Oring A werden dit seizoen 6de, Oring 2 en Oring B1 5de, Oring 3 7de, Oring 4 9de en tenslotte Oring B2 8ste. Er
was weer een nieuwe trainer, G. Timmer, een voormalig speler van Emmen 1. Hij maakte het seizoen door omstandigheden niet af. Al snel werd er een opvolger gevonden, namelijk dhr. P. Damhof uit Emmen.
Seizoen 1962-1963
Om spelers uit Klijndijk te laten voetballen bij Oring en te zorgen dat ze niet zouden gaan spelen bij THEO (uit ’t Haantje) werd er besloten om per seizoen van elk team 3 wedstrijden te laten voetballen in Klijndijk. Dit gebeurde op het veld achter het hotel “De Zietak”.
In januari werd er voor een betere opvang en begeleiding van de junioren een jeugdcommissie opgericht.
Oring 2 werd kampioen en bereikte de hoogste afdeling van Drenthe, namelijk de reserve 1ste klasse. Oring 1 werd 4de in de 1ste klasse afdeling Drenthe, Oring 3 werd 7de, Oring 4 10de (voorlaatste), Oring A 6de, Oring B1 3de, Oring B2 laatste en de
pupillen werden ook laatste.
Seizoen 1963-1964
De trainer Damhof werd door omstandigheden gedwongen te stoppen en werd meteen opgevolgd door dhr. W. Derks uit Emmen.
Oring 1 promoveerde door een 2de plaats te halen en ging weer naar de 4de klasse van de K.N.V.B..Oring 2 werd 4de, Oring 3 3de, Oring 4 werd laatste. Oring A werd 8ste, B1 3de en B2 6de.
Seizoen 1964-1965
De gemeenteraad besloot een stuk grond te kopen in de Hammeers om daar een nieuw modern sportcomplex te laten verrijzen.
Oring 1 degradeerde meteen weer naar de 1ste klasse van de afdeling Drenthe. Oring 2 werd 3de van onderen, Oring 3 werd 3de, Oring 4 voorlaatste. De A’s eindigde in de middenmoot, terwijl de beide B-eftallen in de onderste regionen eindigden.
Seizoen 1965-1966
Door de nog steeds wankelende financiële positie van de club kon men zich geen betaalde trainer permitteren. Gelukkig werd dhr. Schuitte uit Odoorn bereid gevonden om de trainingen te leiden. Er werd een begin gemaakt met de aanleg van een nieuw sportcomplex, maar het terrein bleek van archeologische betekenis en kregen oudheidkundigen eerst de gelegenheid het te onderzoeken.
Oring 1 speelde een bescheiden rol in deze competitie, maar haalde wel de grootste overwinning in 50 jaar in een officiële wedstrijd. Er werd gewonnen met 10-0 van BEW uit Vledder.
Oring 2 degradeerde naar de reserve 2de klasse. Ook de rest van de elftallen deden het niet goed, Oring 3, 4 en Oring A
werden alle laatste. Dit seizoen waren er geen B’s.
Seizoen 1966-1967
Oring deed dit jaar weer met zeven elftallen mee aan de verschillende competities. Het trainingsbezoek groeide en de successen bleven ook niet uit. Oring 1 werd kampioen en mocht weer in de 4de klasse KNVB uitkomen. Oring 2 maakte eveneens een goed seizoen door en werd 2de. Doordat WKE 1 (werd met glans eerste) in dezelfde klasse was ingedeeld promoveerde Oring 2 alsnog naar de reserve 1ste klasse. Oring 3 had lang uitzicht op een 1ste plaats, maar moest het toch doen met een 5de plaats. Oring 4 werd voorlaatste.
Seizoen 1967-1968
Dit jaar werd er de gediplomeerde trainer Henk de Vries uit Emmen aangetrokken om met het jonge Oring 1 klasse behoud te bewerkstelligen. Helaas degradeerde Oring 1 meteen weer naar de 1ste klasse afdeling Drenthe.
Dit jaar werd ook de laatste wedstrijd gespeeld aan de Nijkampenweg. Het velden tekort zou nu tot het verleden behoren, want het sportcomplex aan de Harmeersweg werd in gebruik genomen.
De resultaten van de andere Oringelftallen zagen er als volgt uit:
Oring 2 en Oring B werden zesde, Oring 3 4de, Oring 4 helaas laatste en Oring B behaalde dit seizoen het beste resultaat namelijk een 2de plaats.
Seizoen 1968-1969
Op het nieuwe complex werden niet meteen successen geboekt. In tegen deel Oring 1 werd 5de in de 1ste klasse afdeling Drenthe en Oring 2 en 3 degradeerden respectievelijk uit de reserve 1ste klasse en reserve 3de klasse. Oring 4 werd voorlaatste. De juniorenelftallen behaalde een 4de plaats (Oring B) en een 6de plaats (Oring A).
Seizoen 1969-1970
Henk de Vries de trainer werd opgevolgd door de heer G. Hendriks uit Emmen.
Voor het eerst werden er programma’s met opstellingen en verloting verkocht à
f 0,25. Dit seizoen deden er maar liefst 3 B elftallen mee. Een van deze elftallen, Oring B1, werd kampioen. Ook was er een officieel Oring C elftal en werd derde.
Oring 1 werd 10de, Oring 2 8ste, Oring 3 7de, Oring 4 7de, Oring A 3de, Oring B2 voorlaatste en Oring B3 laatste.
Seizoen 1970-1971
Oring 1 behaald onderleiding van trainer Hendriks het kampioenschap binnen.
De trainer zorgde ervoor dat Oring 1 voortaan in volledig gelijke tenues zijn wedstrijden afwerkte. Wat ook bij de andere elftallen stond te gebeuren.
Ook sleepte Oring 1 de titel in de wacht. Oring 2 werd voorlaatste. Oring 3 en 4 speelde in dezelfde klasse en werden respectievelijk 4de en 7de. Oring A werd 3de. Er werd een B elftal teruggetrokken en Oring B2 belandde op de laatste plaats.
Seizoen 1971-1972
Op initiatief van B. van der Wit (destijds speler) werden er reclameborden rond het hoofdveld geplaatst. Deze borden werden geschilderd door Bertus Eerenstein.
De competitieresultaten:
Oring 1 (weer terug in de 4de klasse KNVB): 6de. Oring 2 2de. Oring 3 3de. Oring 4 (ook wel “bierploeg” genoemd in die tijd) werd laatste. Oring A eveneens laatste. Oring B één na laatste en Oring C werd 4de.
Seizoen 1972-1973
Er stond een nieuwe trainer aan het roer, dhr. Bergmeester, maar wegens verhuizing naar Almelo werden zijn werkzaamheden voor Oring beëindigd. De heer J. Oldejans uit Eext (een broer van de toenmalige trainer van de SC Veendam) na zijn taken over.
De vooruitzichten voor betere prestaties voor Oring 1 waren niet best. Dit seizoen werd net degradatie voorkomen, maar er waren spelers die hun geluk hogerop (Valthermond) wilde proberen. Oring 2 spelend in de reserve 3de klasse behaalde een 4de
plaats. Oring 4 werd wederom laatste en wel met een puntentotaal van –2. Wel weer een kampioen namelijk Oring 3. Oring A werd voorlaatste en Oring B en C werden 5de.
Seizoen 1973-1974
Het idee om een supportersvereniging op te richten werd op werkelijkheid met de openingsvergadering op 4 april. De eerste voorzitter was dhr. Haesackers.
Ook werd in dit jaar de traditioneel terugkerende rommelmarkt gehouden.
Trainer Oldejans werd, door vertrek naar Asser Boys, opgevolgd door dhr. W. Mulder uit Oosterhesselen. De resultaten:
Oring 1 4de, Oring 2 3de, Oring 3 7de, Oring 4 laatste, Oring A voorlaatste, Oring B 5de, Oring C 4de.
Seizoen 1974-1975
In oktober 1974 vierde men het 40-jarig bestaan met ’s morgens een spelgebeuren voor de junioren en ’s middags een receptie in café Scholte.
‘s Avonds deden de leden en donateurs er een schepje bovenop en zette de bloemetjes eens flink buiten. Harm Kuiper werd op de officiële receptie van Oring benoemd tot Ridder in de orde van Oranje Nassau.
Trainer Mulder moest op medisch advies zijn trainersloopbaan beëindigen. Jan H. Wardenburg uit Valthermond werd tot zijn opvolger benoemd. Na 10 jaar voorzitterschap gaf Harm Kuiper zijn functie over aan L. Dries.
Voor het eerst kwam er ook een masseur/ verzorger in dienst van Oring namelijk oud-lid van de vereniging Bennie van der Wit.
De supportersvereniging deed op een andere manier van zich spreken en bouwde twee dug-outs langs het hoofdveld en bood deze vervolgens aan de club aan.
Oring 1 werd dit seizoen 4de, Oring 2 2de, Oring 3 voorlaatste en Oring 4 laatste.
Oring A werd 6de, Oring B 4de en tenslotte Oring C met een 5de plaats.
Seizoen 1975-1976
Met hoog gespannen verwachtingen wist Oring 1 degradatie net te voorkomen. Oring 2 deed het veel beter en werd 3de. Oring 3 werd 5de en Oring 4 werd 4de. De resultaten bij de junioren waren niet echt best Oring A en Oring B werden voorlaatste. Oring C deed het iets beter en werd 6de. De pupillen werden laatste.
Vanaf 1976 zou er voortaan zondags op het sportcomplex een vlag van de supportersvereniging wapperen.
Seizoen 1976-1977
Het was weer tijd geworden voor een trainerswissel, de taak van J. Wardenburg werd overgenomen door W. Habing uit Gasselte. Na een verblijf van 6 jaar in de 4de klasse KNVB keerde Oring terug naar de afdeling Drenthe.
Oring 2 behaalde een 6de plaats, Oring 3 werd gedeelte laatste en Oring 4 werd 7de. Oring A werd 5de, Oring B 7de en Oring C 5de.
De talrijk vertegenwoordigde jeugd binnen de vereniging ging, door steun van vooral de supportersvereniging, een weekend naar Dwingeloo.
De supportersvereniging zorgde voor een geluidsinstallatie, die geplaatst werd op het terrein. Ook organiseerde de supportersvereniging de eerste “Hutspotdag”, waarbij senioren en A-junioren worden verdeeld over willekeurig geformeerde elftallen.
Er werd besloten dat er voortaan niet meer met een touring-bus naar uitwedstrijden werd gereden, maar met eigen auto’s om de hoge buskosten kwijt te raken.
De eerste officiële jeugdtrainer werd aangetrokken voor het volgend seizoen. Dit was eerste-elftalspeler en zoon van Harm Kuiper, Willem Kuiper.
Seizoen 1977-1978
De supportersvereniging bleef niet stil zitten, want op hun initiatief werd er een scorehok ook wel de “duiventil” gebouwd.
Het zou een seizoen worden waar er net achter de prijzen werd gegrepen, want Oring 1 kwam 1 punt tekort voor promotie naar de KNVB en werd 3de. Ook Oring 2 behaalde geen promotie en werd 2de. Oring 3 werd laatste en Oring 4 werd voorlaatste.
Oring A werd nu getraind door T. Luiten die W. Kuiper was opgevolgd. Ze behaalde een verdienstelijke 4de plaats. Oring B werd 7de en Oring C laatste. Wel werden de welpen 1 (de jongste voetballertjes) kampioen.
Seizoen 1978-1979
Op 21 september 1978 werd officieel afscheid genomen van Harm Kuiper. Na 44 jaar in het bestuur zitting te hebben gehad, trad hij nu definitief terug. Een man die zoveel voor Oring heeft betekend, wat eigenlijk niet te beschrijven valt.
Toch een greep uit de vele activiteiten en functies van Harm Kuiper. Hij was natuurlijk schoenmaker, voorzag spelers van een voetbaluitrusting en leverde leren ballen, medeoprichter van Oring, voorzitter, secretaris, lid van bestuur, terreinverzorger, vanaf de start van de toto (1954) de werkzaamheden verricht met zijn vrouw Dientje, 35 jaar lid van de elftalcommissie o.a. secretaris, administrateur van de actie “persil-emmertjes” en natuurlijk vaste supporter.
Oring wenste niet mee te doen met de reclame in het amateurvoetbal. Men weerde reclameteksten op tassen en kleding. Wel stelde clubcaféhouder H.W. Scholte trainingspakken beschikbaar, maar kregen het opschrift Oring.
De Oring-junioren kwamen, door hun correcte gedrag op diverse velden, in het bezit van de Fair Play Cup van de afdeling Drenthe der K.N.V.B..
Om het trainingsveld werd een nieuwe lichtinstallatie geplaatst, bestaande uit 8 masten. Een gedeelte van de trainingshoek werd gebruikt voor de aanleg van 2 tennisbanen t.b.v. de tennisvereniging OKKO. Het derde veld, wat bestemd was voor de reeds opgeheven handbalclub THOR, werd het nieuwe trainingsveld.
Oring 1 werd 3de, Oring 2 werd 7de, Oring 3 en Oring 4 werden beide 4de. Oring A werd 8ste. Wel was er een kampioen namelijk Oring C.
Seizoen 1979-1980
Er werden plannen gemaakt om de kantine uit te breiden. Ondanks dat de gemeente Odoorn een groot gedeelte voor zijn rekening nam, was het bedrag wat Oring moest bij leggen best groot. Daarom gingen de contributies en het abonnementsgeld voor het clubblad omhoog.
Als opvolger van trainer Habing werd G.H. Hofstede uit Emmen aangetrokken. Hij behaalde met Oring 1 een 4de plaats. Oring
2 behaalde een teleurstellende voorlaatste plaats. Oring 3, was samengesteld uit A-junioren en “jonge” senioren en behaalde het kampioenschap. Oring 4 en Oring 5 werden beide 5de in hun klasse. Dit jaar geen A’s door gebrek aan voldoende spelers.
Oring B werd 7de, Oring C 8ste, de pupillen 1 werden 2de en de pupillen 2 bereikten een 7de plaats.
Seizoen 1980-1981
Omtrent het beheer en de exploitatie van de nieuwe kantine werd er een moeilijk besluit genomen. Vanwege de verbouwing moest er een nieuwe regeling getroffen worden. Clubcaféhouder/ kantinebeheerder H.W. Scholte deed het bestuur een voorstel voor de nieuwe vorm van beheer. Er klonken binnen de vereniging steeds meer stemmen om de kantine in eigen beheer te nemen.
Door deze twee strijd, die ook binnen het bestuur heerste, werd er een buitengewone ledenvergadering bijeengeroepen. Het kwam niet tot een besluit door de ver uit elkaar liggende standpunten. Vandaar dat er op de tweede buitengewone ledenvergadering pas een besluit werd genomen. De kantine werd voortaan zelf beheerd. Door dit besluit waren er wel 5 bestuursleden die zich terugtrokken.
Oring 1 werd 2de, Oring 2 8ste, Oring 3 laatste, Oring 4 7de en Oring 5 voorlaatste. Voor het eerst deden dit jaar D- en E-junioren mee aan de officiële competitie. Dit jaar waren er opnieuw geen A-junioren. Oring B werd 7de, Oring C 5de, Oring D 4de en Oring E 6de.
Seizoen 1981-1982
De verbouwde kleedgebouwen/ kantinecomplex werden officieel heropend door de wethouder.
WimKoudenburg begon in dit seizoen een ruilbeurs in voetbalschoenen, wat vooral voor de jonge leden een goed initiatief bleek.
Oring 1 werd kampioen en ging, na een 6 jarig verblijf in de afdeling, naar de 4de klasse van de KNVB.
Oring 2 en 4 werden 6de, Oring 3 en 5 laatste. Oring D werd net als Oring 1 ook kampioen. De rest deed het als volgt: Oring A voorlaatste, Oring B en C in de middenmoot en Oring E 6de.
Seizoen 1982-1983
Nadat zijn gezondheid al wat te wensen over had gelaten overleed op 8 december 1982 geheel onverwachts Harm Kuiper. Precies een maand later overleed, na een ernstige ziekte, mede-oprichter en ere-lid Eit Eefting.
De velden werden aangepast, zodat ook de geformeerde F-pupillenelftallen konden voetballen. De eerste vrouwelijke jeugdleiders deden hun intreden. Hait Luiten en Mia Stam namen de begeleiding van de F’s voor hun rekening. Er kwam ook een tweede jeugdtrainer, Jaap Wever, die samen met Teun Luiten de jeugd het voetbal trachtten bij te brengen.
Oring 1 degradeerde na een verblijf van ditmaal 1 jaar in de KNVB weer naar de afdeling. Oring 2 werd 9de, Oring 3 werd voorlaatste, Oring 4 werd 6de.
De jeugd deed het als volgt: Oring A 8ste, Oring B 3de, Oring C in de middenmoot en Oring D 2de. De F-pupillenspeelden nog geen officiële compititie.
Seizoen 1983-1984
Aan het begin van dit nieuwe seizoen, waarin Oring 50 jaar bestaat, nam een nieuwe trainer de werkzaamheden van G.H. Hofstede over. Het was B. van der Wit, oud-lid en al eerder in dienst van Oring als masseur/ verzorger.
Dit seizoen rolde de 1000ste editie van Oring-Nieuws van de pers. Ook deed de shirtreclame zijn intrede, de naam van Schildersbedrijf Middeljans B.V. uit Odoorn stond te lezen op de shirts en de trainingspakken van Oring 1.
De resultaten: Oring 1 4de, Oring 2 6de, Oring 3 laatste, Oring 4 6de, Oring A 6de, Oring B 4de, Oring C1 kampioen, Oring C2 5de, Oring D 9de, Oring F1 8ste en Oring F2 5de.